Over B&R  |  Activiteiten  |  Jobs  |  Contact

Beleggingsportefeuille in uw vennootschap? Einde verhaal per 1 januari 2018?

 

Het fiscale zomerakkoord kwam met een reeks goed nieuw, waaronder tariefverlaging in de vennootschapsbelasting (20% - 25%), doch ook met een reeks “neutraliserende maatregelen”. In dat kader zal de meerwaardevrijstelling op aandelen in een vennootschap geschrapt worden.

De wetgeving op vandaag. Belegt uw vennootschap in aandelen en verkoopt ze op termijn die aandelen met ‘winst’ (meerwaarde), dan werd ze daar tot nu toe niet op belast. Meerwaarden op aandelen zijn in de vennootschapsbelasting immers in principe niet belastbaar en minderwaarden zijn niet aftrekbaar. Daar komt vanaf 01.01.2018 echter verandering in… Dividenden die uw vennootschap van die aandelen ontvangt, zijn in principe wél belastbaar. Dat blijft onveranderd.

Wetgeving vanaf 1 januari 2018. Een vennootschap zal in de toekomst belast worden op elke meerwaarde op aandelen (ook beleggingsfondsen), behoudens wanneer ze voldoet aan de zogenaamde “DBI-voorwaarden”. Voor beursgenoteerde aandelen mag u aannemen dat deze niet voldaan zijn. Er is immers een aanschaffingswaarde nodig van 2,5 miljoen euro of een percentage van 10% van de aandelen nodig om hiervan gebruik te kunnen maken. In de praktijk zal vrijwel elke verkoop binnen een beleggingsportefeuille belast worden in de vennootschapsbelasting. Let wel, minderwaarden op aandelen blijven niet aftrekbaar. Billijk is anders.
Vaak stellen uw bankiers hun beleggingsstrategie zo in, dat ze investeren in aandelen dewelke met meerwaarde verkocht kunnen worden (voorheen onbelast), en welke weinig dividend uitkeren (altijd al belast geweest). Die strategie wordt in de toekomst minder zinvol. In vele dossiers wordt het dan ook zinvol om nog voor 2018 te verkopen, zodat de meerwaarde alsnog onbelast gerealiseerd kan worden.

Er is wel een alternatief, de DBI-bevek. Een bepaald type van belegging, de “DBI-bevek”, dat is een bijzonder soort distributiebevek, wordt niet geviseerd door de meerwaardebelasting. De dividenden die een DBI-bevek uitkeert, zijn dankzij de DBI-aftrek voor 100% vrijgesteld van belasting (100% vanaf 2018 voorheen 95%). Bij een niet-beursgenoteerde DBI-bevek geldt hetzelfde voor de meerwaarden. Bij een verkoop worden de aandelen nl. door het DBI-fonds zelf ingekocht. De meerwaarde moet dan beschouwd worden als een dividend dat voor 100% vrijgesteld is van belasting. De nieuwe regels i.v.m. de belastbaarheid van meerwaarden op aandelen zullen daar in principe niets aan veranderen. Een nadeel van een DBI-bevek is dat ze afgetrokken moet worden van de berekeningsbasis van de notionele interestaftrek. Dat maakte hen tot op dit moment weinig populair. Vanaf 2018 wordt echter stevig geknipt in de notionele interestaftrek, zodat dit nadeel nog weinig relevant is. Omdat meerwaarden op aandelen niet belastbaar waren, waren er voorheen voldoende fiscaal vriendelijke alternatieven die niet nadelig waren voor de notionele interestaftrek. Dat wijzigt nu, waardoor men kan verwachten dat dit type van Bevek aan belangstelling zal winnen.

 

C1JFER5 ALLEEN VOL5TAAN N1ET